Lux staat voor de lichthoeveelheid per oppervlakte eenheid (bijvoorbeeld vierkante meter), ongeacht de hoeveelheid gebruikte lichtbronnen, de kleur van het licht of de structuur van het oppervlak waar het licht op schijnt.

Lux en noodverlichting in de praktijk

Volgens de norm NEN-EN 1838 heeft elke noodverlichting soort een andere toepassing in het aantal lux waar het armatuur aan moet voldoen. Het armatuur moet natuurlijk de juiste hoeveelheid licht geven om ervoor te zorgen dat mensen in staat zijn om de weg naar de dichtstbijzijnde nooduitgang te vinden in geval van calamiteiten.

  • Vluchtrouteverlichting: de vluchtroute moet met minimaal 1 lux worden aangelicht
  • Anti-paniekverlichting: verlichtingsniveau voor deze vorm van noodevacuatieverlichting is minimaal 1 lux
  • Verlichting voor werkplekken met een verhoogd risico: Het lichtniveau is 10% van de normale verlichtingssterkte met een minimale waarde van 15 lux.

Vluchtrouteverlichting minimaal 1 Lux

De verlichtingssterkte van vluchtrouteverlichting is vastgesteld op 1 Lux. In sommige situaties is 1 Lux te weinig, namelijk in verzorgingstehuizen voor ouderen of op werkplekken met verhoogd risico. In deze situaties wordt er een andere verlichtingssterkte geadviseerd. Om hier de juiste verlichtingssterkte te adviseren, is informatie van de opdrachtgever noodzakelijk. Maar soms is die er niet of is die er onvoldoende. In deze gevallen gaat NVFN uit van de volgende waarden:

  • Ruimtes en vluchtwegen breder dan 2 meter worden voorzien van anti-paniekverlichting. Op die manier kunnen personen zich veilig naar de vluchtroute begeven en ontstaat geen paniek. De verlichtingssterkte op de vloer is minimaal 1 Lux.
  • Op de vloer van de vluchtroute zelf is de verlichtingssterkte eveneens minimaal 1 Lux.
  • Als de brandbestrijdingsuitrusting, handbrandmelders en EHBO-post op tekening staan aangegeven, worden ze meegenomen in de projectie en verlicht met minimaal 5 Lux. Anti-paniekverlichting minimaal 1 Lux. Voor anti-paniekverlichting geldt in ruimtes die groter zijn dan 60 vierkante meter (dit geldt ook voor lichte industrie zoals magazijnen) als norm 1 Lux.

Werkplekken met verhoogd risico minimaal 15 Lux

Bij werkplekken met verhoogd risico is de verlichtingssterkte op de vloer minimaal 10 procent van de vereiste verlichtingssterkte in de normale situatie. Om de benodigde verlichtingssterkte te bepalen kan de norm NEN-EN 12464-1 worden gehanteerd. De ruimtes die in de tabel hieronder staan aangegeven met * worden standaard gezien als werkplekken met verhoogd risico. De minimale verlichtingssterkte van 15 Lux in nood wordt als veilig beschouwd.

Ruimten met werkplekken met verhoogd risico: - Ruimte waar een hoofdverdeelkast staat opgesteld * - Ruimte waar een onderverdeler staat opgesteld * - Ruimte waar hoofdnoodvoedingskast staat opgesteld * - Liftmachinekamer * - Professionele keuken - Praktijklokalen op school - Laboratoria - Werkplekken waar gewerkt wordt met gevaarlijke chemische stoffen - Werkplekken met een verhoogd brand- of explosiegevaar - EHBO-ruimte, indien er sprake is van een ruimte, toegewezen voor het behandelen van personen met letsel

Deel dit artikel